Status Werkobjecten Dashboard
Project / Scope: [Naam van het Onderzoek]
Procesdocumentalist: [Naam]
Laatste Update: dd-mm-yyyy (Eind van Fase [X])
Deel 1: Het evolutie-overzicht (De rijpheidmatrix)
Onderstaand overzicht laat zien welke transformatie elke bouwsteen doormaakt. Gebruik de statuskolom om tijdens het project de actuele stand van zaken aan te geven (bijvoorbeeld met kleurcodes: Gepland / In Behandeling / Gerealiseerd).
| Bouwsteen | Fase 1: Opdracht & Scope | Fase 2: Inventarisatie | Fase 3: Analyse & Structuur | Fase 4: Modellering & Docu | Fase 5: Validatie & Oplevering | Actuele Status |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1. Proces | Initiële lijst & globale afbakening. | Verzamelen bestaande bronnen & documenten. | Logische ketenvolgorde & triggers bepalen. | Vastgelegd in systeem met uniek ID en Naam. | Formeel gecertificeerd door de Proceseigenaar. | [Status] |
| 2. Processtap | Nog niet specifiek gedefinieerd. | Chronologische lijst van feitelijke handelingen (IST). | Opschonen administratieve ruis, bepalen workflow. | Gevolledigd met attributen (duur, prioriteit) voor Flow View. | Gecontroleerd op operationele juistheid door de werkvloer. | [Status] |
| 3. Informatieobject | Definiëren welke objecten binnen de scope vallen. | Identificeren van alle gebruikte input en geproduceerde output. | Normaliseren van synoniemen; logisch koppelen aan stappen. | Definitief gekoppeld aan stappen én voorzien van systeembron (drager). | Informatieketens definitief gecontroleerd op kritische afhankelijkheden. | [Status] |
| 4. Uitvoerder | Betrokken stakeholders en afdelingen vaststellen. | Vaststellen wie/welk systeem het werk nú feitelijk verricht. | Vertalen van personen naar gestandaardiseerde organisatorische rollen. | Koppelen aan stappen ten behoeve van Actor View en RACI-matrix. | Officiële acceptatie van de RACI-matrix door lijnmanagers. | [Status] |
| 5. Regel | Nog niet specifiek gedefinieerd. | Verzamelen van relevante wetgeving, kaders en informele afspraken. | Selecteren en structureren van regels die stappen conditioneren. | Regel-objecten voorzien van attributen en verankerd aan de stappen. | Review op correcte toepassing van de regels in de praktijk. | [Status] |
Deel 2: Detailregistratie per Bouwsteen (Groeilogboek)
Gebruik onderstaande tabellen om per bouwsteen de specifieke groei in aantallen en diepgang bij te houden. Dit helpt om scope-creep (ongecontroleerde groei van het model) direct te signaleren.
1. Evolutie: Proces & Processtap
Doel:Monitoren van de workflow van globale lijst naar getoetste detailstappen.
- Fase 1 (Scope): aantal geïdentificeerde hoofdprocessen:
[Aantal] - Fase 2 (Inventarisatie): totaal aantal ruwe activiteiten genoteerd tijdens interviews:
[Aantal] - Fase 3 (Structuur): aantal gestructureerde processtappen na sanering van ruis:
[Aantal] - Fase 4 (Modellering): zijn alle verplichte velden (ID, Naam, Duur, Prioriteit) gevuld?
[Ja / Nee] - Fase 5 (Validatie): datum operationele goedkeuring door MKB’s:
[Datum]
2. Evolutie: Informatieobject
Doel:Bewaken dat informatie de ‘brandstof’ van de acties wordt en begrippen worden genormaliseerd.
- Fase 1 (Scope):Hoofd-informatieobjecten benoemd in de scope:
[Lijst / Aantal] - Fase 2 (Inventarisatie):Totaal aantal unieke documenten/datapunten gespot in de praktijk:
[Aantal] - Fase 3 (Structuur):Welke synoniemen zijn platgeslagen tot één standaardterm?
- Voorbeeld: ‘Klantmelding’ en ‘Case’ genormaliseerd naar:
[Gekozen Standaardterm] - Voorbeeld: [Oude term 1] en [Oude term 2] genormaliseerd naar:
[Gekozen Standaardterm]
- Voorbeeld: ‘Klantmelding’ en ‘Case’ genormaliseerd naar:
- Fase 4 (Modellering):Zijn alle objecten gekoppeld aan een specifieke drager (bijv. ERP, CRM)?
[Ja / Nee] - Fase 5 (Validatie):Zijn de data-afhankelijkheden getoetst met de Informatie-expert?
[Ja / Nee]
3. Evolutie: Uitvoerder
Doel:Transformatie van ‘specifieke medewerkers’ naar herbruikbare organisatorische rollen en systemen.
- Fase 1 (Scope):Betrokken afdelingen/teams:
[Lijst] - Fase 2 (Inventarisatie):Namen van gesproken medewerkers & gebruikte systemen:
[Lijst] - Fase 3 (Structuur):Vertaalslag van individu naar generieke rol:
- Voorbeeld: Medewerker ‘Jan Jansen’ vertaald naar de rol:
[Bijv. Senior Acceptant] - Voorbeeld: Medewerker ‘Piet de Vries’ vertaald naar de rol:
[Bijv. Baliemedewerker]
- Voorbeeld: Medewerker ‘Jan Jansen’ vertaald naar de rol:
- Fase 4 (Modellering):Is de RACI-matrix automatisch en consistent gegenereerd vanuit het model?
[Ja / Nee] - Fase 5 (Validatie):Heeft de lijnmanager getekend voor de rollout van de Actorprofielen?
[Ja / Nee]
4. Evolutie: Regel
Doel:Het verankeren van abstracte wet- en regelgeving naar concrete kaders op de werkvloer.
- Fase 1 (Scope):Relevante wetgeving/kaders globaal benoemd:
[Ja / Nee / Niet van toepassing] - Fase 2 (Inventarisatie):Welke (informele) werkafspraken en harde wetten zijn genoemd in de interviews?
[Lijst] - Fase 3 (Structuur):Welke regels beïnvloeden direct de voortgang (bijv. “Als bedrag groter dan X, dan…”)?
[Beschrijving] - Fase 4 (Modellering):Zijn de regels als harde objecten gekoppeld aan de specifieke processtappen?
[Ja / Nee] - Fase 5 (Validatie):Is de naleving van de regels in de IST-situatie geverifieerd met de compliance-officer / kwaliteitsborger?
[Ja / Nee]
Hoe je dit sjabloon gebruikt als Procesdocumentalist:
- Fase-afsluiting:Gebruik Deel 1 (de matrix) als visuele slide of bijlage tijdens je voortgangsrapportages aan de opdrachtgever. Het laat direct zien waarom je in Fase 1 nog geen werkinstructies (Fase 4) kunt opleveren: de bouwstenen zijn er simpelweg nog niet rijp voor.
- Kwaliteitsborging:Als je merkt dat je in Fase 3 bent, maar bij ‘Informatieobject’ nog steeds in de status van Fase 1 hangt (geen input/output geïdentificeerd), dan weet je dat je de interviews in Fase 2 moet heropenen of aanvullen voordat je verder modeleert.